gratis tuinontwerp

In Nederland is de "Tuinbesteding" t.o.v. andere landen hoog.


En toch als ik langs tuinen kom trap ik niet vaak op de rem. 






De Jan en Annie Tuin!


Jan en Annie de Vries, twee kinderen, Sanne en Dave. De meest voorkomende voornamen en achternaam in Nederland (tuineigenaren), met de meest voorkomende voor- en achtertuin in Nederland.

De voortuin van Jan en Annie! (Deze voortuin kenmerk zich o.a. door)

 

* Smal pad, recht naar de voordeur.

* Haagje of hekje op de scheiding met de buren en de openbare weg.

* Weinig planten of planten die te groot of te klein blijven (uit balans).

* Lamp aan de gevel, die helaas vaak kapot is. (schenken in het algemeen weinig aan onderhoud in de voortuin).

 

En de trend van de laatste jaren, veel grind/split, onder het mom, lekker makkelijk!

De achtertuin van Jan en Annie! (Deze achtertuin kenmerk zich o.a. door)

 

* Hoofdterras direct tegen de gevel van de woning.

* Klein terras in de hoek gepropt aan de achterzijde van de tuin.

* Hoge schutting of hoge haag met de buren.

* Weinig planten, vaak een plantrand links en rechts van de tuin.

* Gazon in het midden van de tuin.

* Bolboompje of een dakvormige boom, voor schaduw (vaak een dakplataan, een plantensoort die vooral in de zomer een stofje afscheid waar redelijk veel mensen allergisch voor zijn).

* Recht pad naar achteren.

* Verlichting op kijkhoogte (in het donker, zeer aanwezig).

* Afvalcontainers in het zicht.

 

En de trend van de laatste jaren, veel planten in pot, tegels en grind/split, onder het mom, lekker makkelijk!

En Sanne en Dave (ik hoor ze al zeggen, ja dat doen onze ouders, maar wij niet!).

 

Dit klopt (deels), het digitale tijdperk zorgt ervoor dat je steeds makkelijker aan voorbeelden kunt komen op het gebied van tuinen. Maar, ja er is een maar, de opzet verandert niet zoveel.

De achtertuin van Sanne en Dave! (Deze achtertuin kenmerk zich o.a. door)

 

* Hoofdterras direct tegen de gevel van de woning.

* Terras aan de achterzijde van de tuin (vaak een Loungeterras).

* Hoge schuttingen met de buren.

* Weinig planten, vaak in pot.

* i.p.v. Gazon, splitvakken of kunstgras.

* Leibomen aan de achterzijde van de tuin of een dakvormige boom, voor schaduw (vaak een dakplataan, een plantensoort die vooral in de zomer een stofje afscheid waar redelijk veel mensen allergisch voor zijn).

* Bestrating bestaat vooral uit grote tegels in combinatie met split (vaak antraciet van kleur).

* Grondspot onder de boompjes of verwerkt in de tegels.

* Afvalcontainers weggewerkt in een bekisting.

 

Wanneer Jan en Annie de tuin gaan aanpassen, lijkt het veel op de tuin van Sanne en Dave!

Kan het anders! Met het vervolg verhaal ga ik u een handje helpen.

 

Voor we hiermee aan de slag gaan, gaan we eerst de 12 belangrijkste punten doornemen.

 

Zittend, 1.20+, Rood en de 9 groenen, Solitairs, 60 – 70%, Het hoekje om, Perspectief / Massief,  Balans, Waar zijn we / privacy, Zon / schaduw, Genieten?, Dieren in de tuin?

PUNT 1. Zittend


De (achter)tuin wordt vooral vanuit binnen, zittend bekeken. (de eettafel speelt hier een belangrijke rol in). We zitten binnen en kijken naar buiten, het zonnetje schijnt, we lopen naar buiten en gaan in het zonnetje zitten. (dus als u aan de gang gaat met een tuinplan, moet u al zittend een inventarisatie maken).

PUNT 2. 1.20+

 

Gemiddeld gezien is de start van onze ooghoogte, zittend op een stoel tussen de 110 en 120 cm (bij zitvlak stoel van 45 cm). Een element dichtbij en hoger dan 120 cm of lager dan 100 cm, zorgt ervoor dat u dingen wel of niet kunt zien.

 

Wanneer u nu een lange man en een kleine vrouw hand in hand ziet lopen, weet u nu dat ze elkaar zittend hebben ontmoet. (in ieder geval zittend hebben leren kennen).

    PUNT 3. 1 rood en 9 groenen


    Ondanks de meerderheid, valt rood als eerste op. Automatisch kijken we eerst naar de rode en dan pas naar de 9 groenen rondjes. Te veel blikvangers in een tuin zorgen voor een onrustig geheel en de waarde van de blikvangers individueel, wordt minder.

    PUNT 4. Solitairs (kleine boompje en kleine heesters, kunnen groot worden)


    Tuinplanten worden vaak impulsief aangeschaft. Kijk Jan, wat een leuk blauw boompje is dit! Ja Annie, leuk voor in de voortuin. Aan het einde van de jaren zeventig en begin van de jaren tachtig, was de blauwe Cedrus erg populair.

    PUNT 5. 60 tot 70%


    Het genieten van uw tuin gebeurt vooral vanuit de woning, dus bij de inrichting van uw tuin moet u ook de kijk positie vanuit uw woning meenemen in het ontwerp. De beplanting in het zicht (vanuit binnen) moet vooral wintergroen zijn.

     

    Tussen half september en half april zijn we vooral binnen!

    PUNT 6. Het hoekje om


    Wanneer de looplijnen in de tuin, “bijvoorbeeld het pad dat in een rechte lijn naar de voordeur loopt ” mist u de tuin bijna in z’n geheel. Als u zelf thuis komt (of bezoek), bent u gefocust op de voordeur en niet op de tuin. Het hoekje om, zorgt ervoor dat u onbewust meer meemaakt voordat u bij de deur bent.

    PUNT 7. Perspectief / Massief


    Er zijn tal van mogelijkheden om de tuin dieper of breder te maken.

    Groot blad dichtbij en klein blad verder weg, zorgt voor meer diepte in de tuin. Ook verschillende niveaus in verharding en verschillende hoogtes van beplanting zorgen hiervoor (120+). Wanneer de tuin vanuit elke plek goed te overzien is, krimpt de tuin en is er tevens geen spanning en wordt alles dus erg voorspelbaar.

     

    Massieve vlakken zorgen ook voor een krimpend effect. De hele tuin vol met bestrating of halfverharding, hoge erfafscheidingen en leibomen achteraan, zorgen ervoor dat de tuin erg klein lijkt.

    Gazon is hier ook een goed voorbeeld van. Wel lekker groen, maar het vlak zorgt ervoor dat u kijk er snel overheen gaat. (aan de kant van een voetbalveld denk je wel eens, kunnen ze niet sneller lopen! Maar wanneer je er zelf loop zijn de afstanden toch heel anders).

    PUNT 8. Balans


    Het in balans zijn van de tuin heeft met een aantal zaken te maken.

     

    A. Het evenwicht tussen groen en verharding.

    De ideale verhouding tussen groen en verharding is 2/3 groen en 1/3 verharding.

     

    B. Het werken met het getal 1,6 geeft van nature rust en evenwicht in de tuin. Bijvoorbeeld wanneer het gazon 3,2 meter breed is, is de ideale lengte 3,2 - 6,4 0f 9,6 meter.

     

    C. De hoogte van de beplanting, 40 tot 50% lager dan 90 cm (vaste planten, siergrassen, kleine heesters, etc.) en 40 tot 50% hoger dan 90 cm. (hagen, (vorm)bomen, heesters, klimopscherm). Vergeet vooral het z.g.n. plafond niet (bomen of groen op een pergola).


    PUNT 9. Waar zijn we / privacy


    Met de stoel door de tuin heen gaan en dan bepalen wat u wel en wat u niet wilt zien.

    Goed kijken hoe de inkijk in uw tuin is. Met een klein boompje op de juiste plaats kunt u al makkelijk vrij zitten, een erfafscheiding van 3 meter hoog is echt niet nodig.

    PUNT 10. Zon / schaduw


    De ideale plek van het hoofdterras is waar de zon vanaf 15.00 uur gaat schijnen. Ochtend zitje inrichten voor twee personen.


    PUNT 11. Genieten of Stressen


    Tijdsbalans tussen onderhoud en het genieten van de tuin. Elke tuin heeft onderhoud nodig, maar een tuin vol met een groenblijvende bodembedekker geeft minder werk dan een tuin met veel zichtbare grond en weinig beplanting. Gazon heeft gemiddeld 35 keer per jaar aandacht nodig. Een dakplataan geeft meer snoeiwerk dan een dakeik. Alles heeft te maken met de keuzes van de beplanting, materialen en de goede voorbereiding van de aanleg.

    PUNT 12. Dieren in de tuin


    Wel of geen dieren in de tuin laten we even in het midden, maar wilt u dieren in uw tuin, dan moet aan vier voorwaarden voldoen.

     

    Voeding, nectar (bloemen) voor vlinders en insecten. Bodemleven (Gazon), vruchten , noten en zaden voor de vogels. Laat blad in de winterdag onder heesters en bomen liggen, ruim de bladeren pas in het voorjaar op (wat er nog van over is). Vuile bomen o.a. de Berk en de Esdoorn zitten vol met luizen, die op hun beurt weer vogels aantrekken. (Plan geen terras of parkeerplaats onder deze bomen, i .v.m. de luizenpoep).

     

    Bescherming, bomen en heesters waar vooral de vogels in kunnen vluchten. Onderbeplanting (bodembedekkers), prettige schuilplaatsen voor padden, egels en insecten. Struiken met doornen of stekels, ideale bescherming tegen katten en roofvogels.

     

    Nestruimte, vogel-, vlinder-, insecten- en of vleermuiskastjes ophangen. Opening van de vogelnestkastjes richting het noorden. Coniferen als solitair of als haag. Klimopwand als erfafscheiding. Brandnetels in pot voor de vlinders. Zuurstof planten in de vijver voor padden, kikkers en salamanders. Bij ruimte, een hoge kleiwand voor de oeverzwaluw en de ijsvogel. Composthoop voor de ringslang. Ruimte creëren onder de dakpannen voor mussen en de gierzwaluw. Dakpannen stapelen voor hagedissen en insecten.

     

    Water, In de vorm van een vijver een poeltje of een waterschaaltje.

    Waarom is het nodig om een tuinplan te maken?

     

    Een tuinplan helpt niet alleen fouten te vermijden maar ook, geld, tijd, overbodige arbeid en ergernis te besparen, maar het is ook een werkje dat plezier geeft. Op de tekentafel is een boom gemakkelijker te verplaatsen dan in de tuin . Met behulp van een goed tuinplan kan van uw tuin op de meest economische wijze het beste worden gemaakt. In een huiskamer zetten we een bank neer, een stoel, een tafel. Als dat allemaal niet goed staat, wordt de zaak volgende week of volgende maand verplaatst. Een boom, een struik kunnen we wat moeilijker naar willekeur oppakken. Om nog maar te zwijgen over een vijver of een zitkuil.

     

    Fouten vermijden, Planten op de verkeerde plek, teveel pieken en dalen door het jaar heen. Vlonder terrasjes maken, terwijl ze in de toekomst nooit gebruikt worden. Boompje aanplanten, jaren later een knots van een boom. Speeltoestellen met knal kleuren in het zicht vanuit de woning. Containers mooi wegwerken. Teveel in te weinig ruimte plannen. Rekening met de ontwikkeling van het gezin, voordat u het weet, spelen ze niet meer thuis. Te weinig ruimte op het hoofdterras (teveel ruimte voor het hoofdterras). Zomerbloeiende planten plannen, waar u in de zomer verblijft. Bomen op een plek aanplanten, met als gevolg dat de buren niet meer praten. Impulsieve aankopen vermijden.

     

    Budgetteren, Een tuin aanleggen doen we niet elk jaar en het kost een paar centen. Hoeveel? Wanneer u de inkoop van de materialen en de aanleg van de tuin helemaal zelf doet, kost een tuin tussen de 45 en 75 euro per vierkante meter (erfafscheidingen, bestrating, beplanting, enz,). Gazon is de goedkoopste vierkante meters, dan de beplanting, verharding. De bouwwerken (erfafscheiding, vijver, pergola) zijn de duurste meters. Laat u de uitvoering aan een hovenier over, dan kost de tuin tussen de 100 en 150 euro (nieuwe tuinen tot 200 m2). Als de tuin alleen uit verharding en of gazon bestaat zijn de kosten uiteraard minder. De goed verhouding tussen materiaalkosten en arbeidskosten is 60% - 40% tot 50% - 50%. Arbeidskosten mogen nooit hoger zijn dan de materiaal kosten.

     

    Overbodige arbeid, Bij een verbouwing aan het huis of bij een nieuwbouw, de vraag stellen . Wat kan de aannemer of de elektricien voor de tuin betekenen? (bijv. muurtjes of de elektra aansluiting van de buitenverlichting). Om de paar jaar planten verzetten, omdat ze te groot worden voor de aangewezen plek. Elk voorjaar opnieuw planten kopen, want het viel het afgelopen jaar toch tegen.

     

    Ergernis besparen, In uitvoering en de financiën .

    Een wensenpakket samenstellen 


    Voor je aan de slag gaat met tekenen moet je eerst een wensenpakket samenstellen. Maak een lijstje van wensen die je zou kunnen koesteren vooraleer over te gaan tot het uittekenen van een tuinplan. 

    Inventariseren van de wensen, laat ieder afzonderlijk van elkaar een wensen lijst maken.


    * Heb je veel tijd om in de tuin te werken? 
    * Werk je graag in de tuin? 
    * Wat wens je in de tuin te kunnen doen?
    * Hoeveel mensen maken gebruik van de tuin?
    * Siergazon of speelgazon?
    * Niveauverschillen?
    * Welke materialen spreken je het meest aan? 
    * Wens je verlichting in de tuin? 
    * Zullen er dieren in de tuin rondlopen?
    * Ben je voorstander van modern of van klassiek? 
    * Welke planten ziet je graag?  Rozen, dwergsparren, heide, rhododendrons, vaste bloeiende planten, snijbloemen, siergrassen, varens, waterplanten, sierheersters, bosgoed, bomen, wilde planten, bamboes, bolgewassen, klimplanten, hagen, coniferen...


    TIP! Rhododendrons, heide en andere zuurminnende planten doen het niet goed op onze kleigrond, zet ze niet in de volle grond, maar in een plantenbak!

    WE GAAN STARTEN (succes)

     

    Uitgangssituatie.

    Velen kijken wat angstig bij het horen van ontwerpen van tuinen. Ontwerpen is hetzelfde als inrichten, en eigenlijk hebben we allen daar al ervaring mee, nl. met het inrichten van ons huis. In ons huis bepalen we waar de eetkamer komt en wat we met de verschillende ruimten gaan doen. Het ontwerpen van een tuin is net volgens hetzelfde principe.

     

    Bij het ontwerpen van een tuin gaan we ook bepalen waar we de tuin voor wensen te gebruiken, we kiezen een stijl die bij ons past, we maken er een mooi geheel van en we letten op enkele praktische zaken.

     

    Haal uit je antwoorden een centraal thema: een tuin voor de kinderen, een tuin om in te liggen, een tuin met veel bloeiende planten, een tuin die weinig onderhoud vraagt. Kies een stijl of thematuin die U het allermooist vindt. Het is uw tuin en U moet zich er prettig in voelen!

     

    Kies één bepaalde stijl in plaats van zoveel mogelijk combinaties van verschillende stijlen met elkaar te combineren.

     

    Als u een degelijk antwoord hebt gevonden op je wensen kan je beginnen met een basisplan. 

    In de eerste plaats heeft u een plattegrond nodig van je perceel . Kies een schaal ( schaal 1: 50 is een prettige maat om mee te werken) en vul op je plan de afmetingen van het huis, schuur, oprit, .. en zo verder in. Meet ook alle ramen en deuren. Bepaal vervolgens de noord pijl. Als u straks de beplanting en de plaats van bijvoorbeeld het terras gaat invullen , heeft u deze gegevens nodig. Het volgende is het invullen van de terrassen en paden en alle andere bouwelementen, zoals afscheidingen, muurtjes, pergola’s, zandbak, tuinhuis, schommel, .. Tenslotte volgt de beplanting.

    De omgeving


    De omgeving van de tuin bepaalt in belangrijke mate de inrichting. Bevindt het perceel zich in een wijde of dichte omgeving, in een dorp, in de stad, op het platteland, tussen de weilanden. Door een nauwkeurige observatie kan u zich een beeld vormen van uw omgeving. Dit alles is een inspiratiebron bij het maken van een eigentijds tuinontwerp.


    TIP: Kijk goed in uw directe omgeving welke planten het goed doen, deze gaan het waarschijnlijk dan ook goed doen in uw tuin.

    Het terrein


    De verhoudingen en afmetingen van het terrein bepalen of beperken in hoofdzaak de toekomstige vorm van je ontwerp. Vooral bij kleine terreinen zal de begrenzing u min of meer tot een bepaalde vorm dwingen. Onregelmatig gevormde terreinen bieden de mogelijkheid verrassende hoeken te vormen.

    Hoogteverschillen


    Niveauverschillen zijn met verschillende materialen te verwezenlijken. Door eventueel verschillende hoogten aan te brengen creëren we als het ware een derde dimensie in de tuin, dit levert een duidelijk vergrotend effect op, zeker in kleinere tuinen.

    Oriëntatie van de tuin, zon en schaduw bepalen


    De oriëntatie van de tuin bepaalt ook in belangrijke mate de inrichting! Je hebt allerlei wensen voor ogen maar heeft u er ook de ruimte voor ? Uit de vele mogelijkheden om van een plekje grond een fijne tuin te maken, moet u gaan kiezen. Op je stuk grond is niet alles te realiseren. In de eerste plaats moeten we de zonnige en schaduwrijke plaatsen in de tuin bepalen, ook de lichtinval en de overheersende windrichting hebben een belangrijke invloed op het ontwerp. In zekere zin komt dit overeen met het bepalen van de noord pijl. Anderzijds is het vaststelling van de noordzijde niet voldoende.

     

    Het is noodzakelijk om bijvoorbeeld de schaduw van een bestaande boom, het huis, een muur in de tuin te bepalen en op te meten.  Het beste is om op verschillende uren van de dag de tuin in te gaan en te noteren welk gedeelte in de zon en welk gedeelte in de schaduw ligt. Als u straks een plaats voor een terras gaat zoeken en de planten gaat uitkiezen, heeft u deze gegevens nodig!

    De windrichting


    Teveel aan wind kan het leven in de tuin onaangenaam maken. Wind is een belangrijke factor waarmee we rekening mee moeten houden. Vaak brengen we aan de windzijde een scherm aan. Die kan uit plantenmateriaal of bouwmaterialen bestaan.

     

    Bij het plaatsen van een windscherm houden we rekening met de hoogte. Het windscherm mag niet teveel schaduw geven. Ook aan een terras is een windscherm vaak noodzakelijk wil men er heerlijk kunnen vertoeven.

    De noord pijl


    Geef steeds op je plattegrond de noord pijl aan. Deze noord pijl staat op de bouwtekening. Heeft u geen bouwtekening, dan kan je met behulp van een kompas het noorden bepalen. Aan de hand van de noord pijl kunt u op de tekening zien hoe de ligging van de tuin ten opzichte van de stand van de zon is. Houd er rekening mee dat de hoeveelheid zonlicht in de tuin ook afhankelijk is van de hoogte van het huis en de lengte van de tuin. Een tuin op het noorden kan heel zonnig zijn als hij maar lang genoeg is en het huis niet te hoog.

    Vaste regels


    Bij verder bepalen van de inrichting houden we best rekening met vaststaande tuinregels:

     

    De afscheiding: om een privacy tuin te creëren - breekt de wind = dit komt de gewassen te goede - de achtergrondkleur dient als contrast.

     

    De zitplekjes: als we van de veronderstelling uitgaan dat een tuin ontspanning betekent, dan zullen we er ook willen zitten of liggen, dus ruimte bieden tot het creëren van intimiteit. 

    De eisen voor een zitplekje zijn: ochtendzon, avondzon, zonnig - niet winderig of tochtig, beschut (het N. en 0. afschermen) afgeschermd tegen lawaai, rustig - met een mooi uitzicht op de rest van de tuin, gezellig - logisch, geen storend element in de tuin comfortabel, goede bestrating waarin geen stoelen wegzakken.

     

    Het gazon: het gazon gaat pas een rol spelen in de tuinen vanaf 100 m2, het gazon is per m2 veruit het goedkoopst. Esthetisch wordt de tuin door de horizontale vlakken rustiger en aantrekkelijker, kies tussen speel- en siergazon, bijna alle kleine kinderen houden niet van gras, nat - vuil - insecten (misschien is kunstgras wel een goede optie!).

     

    Onderhoud: behalve maaien moeten we een gazon bemesten, beluchten en besproeien bij droogte. Bij een werkelijk goed onderhoud stellen we vast dat een gazon het duurste onderdeel van de tuin is.

     

    Water in de tuin: speelt een belangrijke rol, het trekt de bezoekers als een magneet aan. Een fontein of waterval brengt nog meer leven. De beste plek voor een vijver is nabij een zitgelegenheid (vanuit de woning gezien).

    Een stijl bepalen


    Bijna iedereen is gesteld op een tuin met een patroon, een lijn, een vorm, een stijl, een tuin met een zekere logica en harmonie. Er zijn talrijke stijlen van tuinen, evenzo er verschillende bouwstijlen zijn. Een toegepaste stijl in een tuin is soms niet ‘uw’ smaak, maar door een aantrekkelijke combinatie van duidelijke consequente vormen herken je wel duidelijk een stijl in de tuin. Alhoewel uzelf een andere stijl zou kiezen, sta je toch vol bewondering voor de gerealiseerde tuin.

     

    Wanneer je een keuze maakt om een tuinstijl toe te passen, kies dan een stijl waarin je, je goed in voelt. Kies een stijl die jezelf mooi vind. Kies nooit een tuinstijl omdat anderen het mooi zouden vinden. Kies bijvoorbeeld nooit voor een wilde tuin als u bijvoorbeeld graag van nette, strakke boorden houdt. Uzelf leeft toch in en rond de tuin? En niet de anderen.

     

    De sfeer van je tuin is dan ook buitenmatig belangrijk. Tuinstijlen zijn ook modegevoelig. Laat u daar niet teveel door leiden. Wat vandaag in is, is binnen 10 jaar misschien ouderwets. Kies ook één bepaalde stijl en probeer niet zoveel mogelijk verschillende stijlelementen door elkaar te gebruiken. Kies een stijl die past bij uw manier van leven en die in het huis en tuin merkbaar overeenstemmen.

     

    Naast het thema klassiek of modern zijn ook de kleuren richting gevend voor de aanleg van de tuin.. 

     

    Als algemene regel geldt dat een tuin het mooist is wanneer 1 duidelijke stijl wordt toegepast.

     

    Er zijn verschillende stijlen maar de belangrijkste en meeste gebruikte stijlen zijn:

    - de moderne stijl

    - de klassieke of formele stijl

    - de romantische stijl

    - de landelijke stijl

    De moderne stijl, de moderne stijl is een sobere stijl:


    * strakke lijnen

    * een rustige beplanting

    * een asymmetrische indeling!

    De klassieke of formele stijl:


    * strak en geometrisch

    * symmetrische indeling

    * identieke plantenstroken aan beide kanten van de tuin

    * kleine plantvlakken in het midden met een duidelijk patroon

    * het patroon is vierkant, rond, hartvormig of krulvormig

    * randen van perken zijn afgezet met haagjes van buxus

    * grote potten met buxusbollen of laurierstruiken op een stam

    * een ornament: beeldje of zonnewijzer

    De romantische stijl, de romantische stijl is veel losser en natuurlijker.


    Vaak denken we aan de Engelse cottagetuin stijl, al is vormt die maar 1 onderdeel van de romantisch stijlen. De tuinen zijn gezellig, soms op het rommelige af. De vormen en de indeling zijn minder belangrijk dan de keuze van de beplanting.

     

    * Gebruik uitbundige en kleurrijke vaste planten met een lange bloeitijd: lavendel, vingerhoedskruid, botanische rozen en geurende kruiden mogen niet ontbreken.

    * klimrozen aan pergola

    * niet te brede paden met oude bouwmaterialen 

    * paadjes die afscheiden

    * hagen van taxus, hulst

    * in vorm geknipte buxus

    * veel potten met bloeiende éénjarige

    * vaste planten rond en tussen struiken en rozen

    * pastelkleuren 

    * schrille contrasten tussen primaire kleuren

    * randen van haagjes markeren de border

    * bolgewassen tussen de vaste planten    

    * toevallige ontstane kleurencombinaties

    * wirwar van planten

    * toevallige ontstane paden

    * hekken

    * banken

    * wilde bloemen tussen de beplanting inzaaien

    * groenten en éénjarige tussen de planten.

     

    Romantische tuinen zijn voor velen de ultieme droom. Vergeet echter niet dat ze arbeidsintensief zijn.

    De landelijke stijl


    * een populaire stijl

    * wekt associaties op met de oude boerentuinen

    * veel rozen groeien langs de deuren

    * maak gebruik van klimplanten

    * zorg voor een ontspannen beplanting

    * gebruik maken van inheemse planten

    * maak gebruik van streekeigen bouwmaterialen

    Het is niet makkelijk om voor dat stukje grond een stijl te gaan bepalen. De grote verscheidenheid aan stijlen brengt u in verwarring. Welk effect heeft uw stijlkeuze op het uiteindelijk uitzicht van de tuin?

     

    Erg behulpzaam is de stijl van de woning eens van naderbij te bekijken. Ongetwijfeld heeft uw huis zijn stempel al gedrukt op de inrichting ervan.

     

    Normaal is de stijl van en in je huis ook terug te vinden in je tuin.